Artikel 12 dreigt voor rijschooleigenaar René B.

door redactie

Ruim een half jaar geleden werd de klokkenluider in de rijschoolwereld, de voormalig Needse rijschoolhouder Henrie Kamps, slachtoffer van een zware mishandeling bij het CBR Examencentrum in Enschede. De dader, René B. -eigenaar van de grootste rijschool in Enschede – is tot op heden nog niet vervolgd. Alle inspanningen van Kamps om strafrechtelijke vervolging af te dwingen stuitten op de weerwil van de Enschedese politie en het Openbaar Ministerie.

“Het zal iedereen wel duidelijk zijn dat de politie en het Openbaar Ministerie deze kwestie het liefst in de onderste lade laten liggen” zegt Kamps. “De teamchef Enschede, korpschef Politie Oost-Nederland Janny Knol, de Klachtencoördinator, niemand is kennelijk bereid of in staat om tot vervolging over te gaan. Ondertussen zit ik met de brokken en kan ik mijn werk niet meer doen. Los van de financiële gevolgen wil ik gewoon dat deze zware mishandeling een strafrechtelijk vervolg krijgt. Je hoort gewoon met de poten van een ander af te blijven; van een burger, van een agent of van een journalist. Daar zal de korpschef Janny Knol anders over denken, maar ik niet! ” aldus de klokkenluider in de rijschoolwereld.

De advocaat van Kamps heeft inmiddels besloten om Politie en Openbaar Ministerie alvast te laten weten dat als het OM niet tot vervolging overgaat er een Artikel 12 procedure zal volgen.

Deze procedure is vastgelegd in de artikelen 12 en verder van het Wetboek van Strafvordering. Vaak wordt daarom gesproken van een ‘12 SV-procedure’ of een ’procedure klacht niet-vervolging’. Deze procedure is voor iedere belanghebbende zonder bijstand van een advocaat toegankelijk.

Wanneer direct belanghebbenden de zaak aan het gerechtshof voorleggen, stelt het hof zich een aantal formele vragen: Is het gerechtshof bevoegd? Is de klager ontvankelijk? Als al deze vragen met ‘ja’ worden beantwoord, behandelt het gerechtshof het beklag inhoudelijk. 
Het gerechtshof betrekt bij zijn beslissing de technische aspecten van de zaak (zoals de bewijsbaarheid) en het algemeen belang bij het wel of niet vervolgen. Het hof zal de stukken bestuderen, adviezen vragen en klager en beklaagde oproepen om te worden gehoord. Vervolgens adviseert het OM het gerechtshof, al beslissen uiteindelijk de rechters over of het OM wel of niet tot vervolging moet overgaan.

Na de inhoudelijke behandeling kán het gerechtshof het beklag gegrond verklaren. Als de klager in zijn gelijk wordt gesteld, betekent dat niet meer en niet minder dan dat het hof reden ziet om de zaak alsnog aan de rechter voor te leggen. Het betekent niet dat de zaak in een veroordeling zal eindigen. Daar beslist de rechtbank over. Het gerechtshof beoordeelt slechts of er punten zijn die door een strafrechter onderzocht moeten worden.

bron: OM.nl

Zet ons op je mobiel !

Klik hier
×
Zet notificaties aan OK Nee liever niet